Bij de handel in onderdelen van graafmachinemerk Caterpillar hebben medewerkers van importeur Pon jarenlang transacties gepleegd buiten de officiële boekhouding om. De fraude via tussenpersonen zou gaan om een bedrag van 75 miljoen euro, meldt Het Financieele Dagblad op basis van eigen onderzoek.
De krant zegt te putten uit “een uitgebreid dossier”, gevuld met onder meer informatie van een detectivebureau, accountskantoor, advocatenstukken, getuigenverklaringen en een ongepubliceerd tussenvonnis van de Rotterdamse rechtbank.
Er zou sprake zijn geweest van grensoverschrijdende doorverkoop van onderdelen, hetgeen strijdig is met de spelregels die Caterpillar verordonneert voor dealerterritoria. Zo verkocht het Barendrechtse bedrijf ISP onderdelen die het had betrokken bij Pon wereldwijd door naar landen waar ze meer geld opbrachten. Volgens de zakenkrant zegt ISP dat Pon deze doorverkoop “oogluikend toestond, omdat het bedrijf de door ISP gegenereerde omzet nodig had.” Frauderend personeel van Pon zou zich hebben ingelaten met schenkingen van auto’s, scooters, keukens, badkamers, vliegtickets en Dakar-rallyreisjes. Ook zou sprake zijn geweest van contante opnames ter hoogte van tonnen aan euro’s en van stortingen op anonieme rekeningen.
Caterpillar geeft geen commentaar op de kwestie. Daarom is vooralsnog onduidelijk of er boetes komen van de zijde van de fabrikant. Pon zelf beschouwt zich volgens zijn advocaat als slachtoffer. Medio oktober werd bekend dat Pon’s Automobielhandel in het strafrechtelijk onderzoek naar omkoping van Nederlands politie- en defensiepersoneel een schikking ter hoogte van twaalf miljoen euro was overeengekomen met het Openbaar Ministerie. In ruil voor het geldbedrag zag Justitie af van verdere vervolging.