Het jongste nummer van Aftersales Magazine draait om het spanningsveld tussen specialisme en alleskunners. Van oudsher ben ik zelf geïntrigeerd door het concept van de Renaissance-mens met Leonardo da Vinci als boegbeeld. Sindsdien is de mensheid steeds verder van het ideaalbeeld met alleskunners af komen te staan, mede gestimuleerd door het westers opleidingsmodel.
Kinderen worden gestimuleerd met ‘de handen’ of met ‘het hoofd’ te werken in plaats van ze zo breed mogelijk te vormen tot potentiële alleskunners. In een wereld die zo snel verandert als de huidige maatschappij is het noodzaak om zo flexibel mogelijk te zijn voor toekomstige ontwikkelingen.
Het omgekeerde zie je echter in de branche, waar specialisten steeds uitzonderlijker worden. We brengen in dit nummer een bandenspecialist in beeld die tegen deze trend in zijn specialisme onderstreept met een prachtige nieuwe locatie. Zijn specialisme strekt echter verder uit dan de piketpaaltjes van onze branche en dus is Wilco Greve ook de partij voor vorkheftruckbanden of de agrarische sector.
Over formules en ketens is hij een stuk minder lovend, wat direct een mooie brug is naar het tweede Nationaal Schadecongres dat net achter de rug is. Segmentoverschrijdende samenwerking was daar een toverwoord dat ook in dit nummer zijn weerslag vindt. Bosch Car Services die als voordeur gaan dienen voor autoschade. Vervolgens is een schadebedrijf dat tot dezelfde holding behoort de partij om deze te herstellen of de klus gaat naar een partner waarmee wordt samengewerkt. Eerder zagen we al de pilot van Achmea om de merkdealer naar voren te schuiven als het aannamepunt voor schadeherstel.
Dat laat onverlet dat juist op het niveau van schadeherstellend Nederland forse overcapaciteit heerst en dat die eruit moet. “Lauwe sanering”, noemde Denis Maessen van Focwa dat tijdens het congres en ook anderen tijdens dit event wisten goed waar de deuren wel kunnen sluiten. In de praktijk is dat samen te vatten met het NIMBY-syndroom: not in my backyard. Ofwel vrij vertaald naar onze branche: laat de buurman maar omvallen, laten de ketens maar vestigingen saneren etc. De segmentoverschrijdende samenwerking moet de betrokkenen versterken en zo de concurrentie een extra duwtje geven: survival of the fittest.