Het uitlezen van een Event Data Recorder bij de analyse van auto-ongelukken staat volgens Bovag niet haaks op de privacy van burgers. Dit aspect van voertuiginformatie speelt zich af op een ander niveau: dat van big data, die via het web permanent beschikbaar zijn.
Woordvoerder Paul de Waal reageert hiermee desgevraagd op berichtgeving in het Algemeen Dagblad dat zeven politieregio’s zogeheten pre-crashdata gaan toepassen om de oorzaak van ernstige ongevallen beter te achterhalen. Volgens David Korteweg van privacy-organisatie Bits of Freedom vraagt deze technische ontwikkeling om heldere regels over wie er wat mag doen met dergelijke gegevens.
Bovag wijst erop dat een Event Data Recorder slechts de laatste seconden vóór de aanrijding reproduceert – en dus niet de complete rit inclusief eventuele tussentijdse bestemmingen. “Dergelijke informatie is op zich niet erg privacygevoelig. Daarnaast is over de toedracht vaak al direct het nodige bekend. Bandensporen geven aan of en hoezeer er te hard is gereden.” Datavoorziening fungeert in dat geval eerder als een aanvulling. De Waal trekt de vergelijking met e-Call, het 112-waarschuwingssysteem dat in 2018 Europabreed van kracht wordt en hulpdiensten voorziet van de actuele voertuiggegevens (zoals de locatie).
Toepassing van een Event Data Recorder rukt op; veel moderne auto’s hebben de voorziening aan boord. In de VS is het systeem sinds 2014 verplicht, conform een nationale standaard voor zowel de informatie zelf als de wijze waarop ze wordt uitgelezen. Vooralsnog ontbreekt zo’n normering in Europa. De Nederlandse politie gaat, na een succesvolle proef gedurende drie jaar in Rotterdam, nog dit jaar in zeven van de tien regio’s de black box uitlezen. Dat gebeurt doorgaans bij zware ongevallen. De recorder legt zaken vast als de snelheid, het exacte tijdstip, de stand van de pedalen en de functie van de airbags.