Van alle Nederlandse gemeenten hebben Uitgeest, Amstelveen en Aalsmeer afgelopen jaar relatief de grootste stappen gezet om elektrisch rijden mogelijk te maken. Dat leert de nieuwe benchmark elektrisch rijden, opgesteld én vandaag bekendgemaakt door adviesbureau Over Morgen.
De benchmark combineert toekomstprognoses over de vraag naar elektrische auto’s met gegevens per gemeente over hun openbaar beschikbare laadnetwerk. Dat resulteert in een beeld van de ‘zwarte vlekken’, oftewel: waar het aantal palen nog te beperkt is voor de (toekomstige) vraag. Het onderzoek richt zich op woonadressen die niet over een eigen parkeerplaats beschikken en dus op de openbare ruimte zijn aangewezen. Forenzen en bezoekers zijn in de cijfers (nog) niet meegenomen.
Grote opgave
De best scorende gemeenten in 2017 zijn – net als in 2016 – Amsterdam, Rotterdam en Den Haag. Utrecht is enkele plaatsen gezakt (naar plek zes) en voorbijgestreefd door Amstelveen en Noordwijkerhout. De top 10 stijgers ten opzichte van vorig jaar zijn: Uitgeest, Amstelveen, Aalsmeer, Renkum, Binnenmaas, Vught, Barneveld, Nieuwkoop en Ouder Amstel. Opmerkelijk vindt Over Morgen dat uit de G30 de gemeenten Amersfoort, Emmen, Enschede en Venlo relatief laag scoren. “Daar ligt nog een grote opgave de komende jaren.”
Laadinfrastructuur
De onderzoekers stellen dat de vraag naar elektrische auto’s in Nederland de komende jaren onverminderd toeneemt. Alle grote automerken brengen op korte termijn (betaalbare) elektrische auto’s op de markt, met een actieradius van minimaal 250 praktijkkilometers. Een belangrijke randvoorwaarde voor deze opmars is tijdige beschikbaarheid van voldoende openbare laadinfrastructuur. Immers, gemiddeld zeventig procent van de Nederlanders dient te parkeren en dus ook op te laden in de openbare ruimte.