Uit onderzoek van de Vrije Universiteit Amsterdam zou blijken dat proefdieren doodgaan in water waarin korrels rubbergranulaat hebben gelegen. Dat bericht tv-programma Zembla, met als strekking dat rubbergranulaat toch gevaarlijke stoffen kan afgeven aan de omgeving.
Naar aanleiding van een eerdere uitzending van Zembla (oktober 2016) ontstond maatschappelijke bezorgdheid over het gebruik van korrels rubbergranulaat op kunstgrasvelden. Het RIVM onderzocht destijds honderd kunstgrasvelden met rubbergranulaat. Met als conclusie dat de risico’s voor de gezondheid van sporten op kunstgrasvelden die zijn ingestrooid met rubbergranulaat praktisch verwaarloosbaar zijn. Weliswaar bevat rubbergranulaat gevaarlijke stoffen als polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s), metalen, ftalaten (weekmakers) en bisfenol A (BPA), maar komen deze maar in zeer geringe mate vrij tijdens het sporten.
De VU heeft daarop vervolgonderzoek gedaan en rubberkorrels van kunstgrasvelden zeven dagen laten uitlogen in water. Aan het na centrifuge helder verkregen extract van dat water zijn onder meer bevruchte eitjes van zebravisjes alsook zebravisjes zelf blootgesteld. De embryo’s gingen dood en de visjes vertoonden gedragsverandering. De VU stelt daarop dat de gevaarlijke stoffen in rubbergranulaat dus helemaal niet ‘opgesloten’ zitten in het granulaat.
In reactie herhaalt het RIVM dat sporten op kunstgras met rubbergranulaat veilig is, omdat er geen vertaling is van het VU-onderzoek naar de gezondheid van de mens. Volgens het RIVM kunnen dan ook geen conclusies worden verbonden aan de zebravisstudie.