Wat te doen met cosmetische en niet-cosmetische schade? Wat zijn de definities en hoe zit het met tariefdifferentiatie? Er heerst nog veel verwarring en onduidelijkheid in deze discussie. Dat werd gistermiddag wel duidelijk op het drukbezochte schadeseminar van Bovag. Duidelijk is ook dat Bovag een leidende positie claimt als brancheorganisatie in schadeherstel en niet langer wacht op Focwa.
“We willen verbinden en gaan het gesprek aan met alle betrokken partijen in deze discussie”, aldus Toine Beljaars, voorzitter Bovag Schadeherstelbedrijven. “We zijn en blijven in gesprek met Focwa, maar willen niet langer blijven afwachten en gaan nu wel volgende stappen zetten.”
De timing van de bijeenkomst had niet beter gekund en trok niet voor niets zo’n 250 belangstellenden, waaronder vooraanstaande schadeherstellers, ketendirecties en talloze verzekeraars. De discussie over cosmetische/niet-cosmetische schade en gedifferentieerde tarieven is hoogst actueel, zeker door de nieuwe aanpak van Schadegarant. Dat deze discussie juist bij Bovag plaatsvond en niet op het podium van Focwa, is op zijn minst veelzeggend te noemen. De recente felle uitingen van Focwa’s nieuwe voorzitter Peter Brussel in een persbericht, konden in de wandelgangen in ieder geval op bitter weinig bijval rekenen. Dat maakt de geloofwaardigheid van de brancheorganisatie er niet beter op en daar spint Bovag op dit moment zeker garen bij.
Verwarring
Volgens Beljaars is de keuze tussen cosmetische en niet-cosmetische schade zeker een lastige kwestie voor schadeherstellers. “De schadebranche is in verwarring, maar door verwarring begin je ook te leren en nieuwe inzichten te ontwikkelen. Wij willen jullie daarbij helpen en kijken wat de juiste volgende stappen zijn. Er heerst nu nog veel onduidelijk over de definities. Het zou goed zijn als er beetje meer uniformering zou komen, ook op het gebied van audits bijvoorbeeld. Nu krijgen herstellers van diverse partijen een audit, dat moet efficiënter kunnen.”
“De vraag is hoe je met veranderingen omgaat. In onze optiek is de keuze tussen cosmetische en niet-cosmetische schade geen duivels dilemma, maar biedt het juist kansen en ruimte voor ondernemers”, aldus Schadegarant-directeur Frank van Donk. “De schademarkt zit in transitie en het is nog onduidelijk in welk tempo de veranderingen zullen gaan. De technologische ontwikkelingen gaan snel waardoor er veel op ons afkomt: het aantal schades zal afnemen en reparatietechnieken veranderen. Schadeherstellers moeten vooral bedenken waar hun kracht ligt en gaan ondernemen.”
Consultant Robert Klinkert zette alles nog eens op een rijtje en benadrukte dat schadeherstellers allereerst hun eigen kostprijs goed moeten doorrekenen voordat ze een tarief afgeven. “Er is nu vooral ook onrust door onduidelijkheid over de verschillende definities die worden gehanteerd”, aldus Klinkert.
Volgens Cees Klaassen, commercieel directeur ASN, is er helemaal ‘geen sprake van een duivels dilemma en is de kracht van een keten juist dat niet iedereen alles hoeft te kunnen. “Een voor allen en allen voor een”, aldus Klaassen.
Remco Ruiter (business consultant van Acoat Selected) hield de zaal ook nog eens voor dat kleine schades niet per definitie makkelijk hoeven te zijn en zette de voordelen op een rijtje van een all-in-one cabine.
“Als ik bij de huisarts kom, vind ik het ook heel gewoon dat ik voor een hartoperatie naar een specialist wordt gestuurd. Zo is het ook met schade”, betoogde Aris van Werven, divisiedirecteur van Broekhuisgroep.
In de aankomende editie van Aftersales Magazine (die volgende week vrijdag verschijnt) kunt u nog veel meer lezen over het schadeseminar bij Bovag.