98,4 procent van het materiaal uit afgedankte auto’s wordt in Nederland gerecycled.
Dat meldt ARN in zijn vandaag verschenen duurzaamheidsverslag over 2019. In totaal werd in 2019 onder regie van ARN 187 miljoen kilogram aan materialen verwerkt, afkomstig uit 197.650 auto’s.
Van de 98,4 procent dat van het gewicht kon worden hergebruikt, namen demontagebedrijven 24,0 procent voor hun rekening, shredderbedrijven 60,3 procent en de Post Shredder Technology-fabriek 14,1 procent.
Toepassingen
De toepassingen van de materialen uit afgedankte auto’s zijn divers. Uit elke auto wordt bijvoorbeeld ongeveer 1 kilogram koper teruggewonnen. Van restanten aircovloeistof en koelvloeistof kan nieuwe aircovloeistof en koelvloeistof worden gemaakt. En lood uit startaccu’s wordt voor bijna 100 procent gerecycled. Een 100 procent nieuwe accu bestaat zodoende voor 60 procent uit hergebruikt lood en plastic. Plastic wordt sowieso steeds vaker hergebruikt. Er zijn al auto’s op de markt waarvan de helft van het plastic hergebruikt is.
Laatste 1,6 procent
De 1,6 procent aan materialen die overblijft, komt uit alle stappen in de keten, legt woordvoerder Martijn Boelhouwer uit. “Dat is bijvoorbeeld water dat vrijkomt bij de recycling van koelvloeistof en ruitenwisservloeistof. Dat is schoon water en mag dus op het oppervlaktewater geloost worden, maar wordt dus niet hergebruikt en valt dus onder die 1,6 procent. Het betreft ook zogenoemde stoorstoffen die bijvoorbeeld in plastic zitten: kleine stukjes hout of steen die niet in het gerecycled plastic horen.”
“Het is ook de vraag of het wenselijk is om ook die stoffen nog te hergebruiken. Bij recycling moet je drie dingen goed in de gaten houden: wat kun je recyclen, wat zijn de kosten ervan en wat is de CO2-uitstoot ervan? Die drie moeten met elkaar in balans zijn. Als je heel veel energie en kosten moet stoppen in de recycling van die laatste 1,6 procent, is dat het paard achter de wagen spannen. Maar we zijn op dit moment al heel blij met het resultaat en zullen er altijd naar streven om uiteindelijk op die 100 procent uit te komen.”