Is het fenomeen bandenhotel rijp voor de geschiedenisboeken en gaan we allemaal aan de allseasons? Verre van dat, zo blijkt uit een lezersenquête onder merkdealers, merkspecialisten en onafhankelijke autobedrijven met een actief winterbandenbeleid.

Hoe gaat het Nederlandse autobedrijf, merkgebonden of niet, om met winterbanden en de bijbehorende wissels? Uit deze enquête blijkt veruit het merendeel eigen opslag van de gewisselde sets te verkiezen boven een extern hotel. Van de bedrijven met eigen opslag heeft negentig procent de gewisselde set bovendien op de eigen vestiging liggen. De overige tien procent heeft ze op een eigen of een gehuurde locatie liggen. Maar een extern bandenhotel? Slechts acht procent gebruikt deze faciliteiten en een naam die dan veel voorbij komt is Banden Express en diens Bandenôtel XL. 

De respondenten zijn content met de huidige situatie, want 95 procent denkt er niet aan om hier verandering in aan te brengen. De rest is gelijk verdeeld over zij die juist in eigen beheer willen gaan opslaan of zij die juist willen gaan uitbesteden. Dat er zo veel voorkeur is voor opslag in eigen beheer beargumenteerde een van de deelnemers aldus: “eigen opslag is klantenbinding.”

Bijna zestig procent verwacht een lichte daling van het aandeel winterbanden.

De strategische vraag naar zelf doen of uitbesteden kan niet beantwoord worden zonder een visie te hebben op de toekomst van het winterbandengebruik in het algemeen. De opkomst van vierseizoenenbanden, mede door de kwaliteitsslagen die deze productcategorie maakte de afgelopen jaren, speelt hierbij een cruciale rol. We komen nog terug op hoe de deelnemers aan de enquête reageren op het fenomeen vierseizoenenband. Eerst kijken we naar de status van de winterband nu.

Aandeel nu

Om inzicht te hebben in de huidige situatie vroegen we de deelnemers ons een idee te geven van het winterbandenaandeel onder de klanten anno nu. Dertig procent van de respondenten zegt dat tussen de tien en twintig procent van de klanten een winterbandenset gebruikt. Een derde van de deelnemers ziet tussen de twintig en dertig procent van de klanten met zo’n set.

Eerst blikken we terug op de afgelopen vijf jaar. Hoe ontwikkelde het winterbandenaandeel onder de eigen klanten? In 53 procent van de bedrijven was een lichte daling waarneembaar, terwijl nog eens achttien procent dat aandeel stabiel zag blijven. Bijna twaalf procent noteerde een lichte stijging. Deelnemers die een sterke teruggang constateerden doen in aantal amper onder voor de deelnemers die juist een sterke groei zagen. Hun aandeel bleef wel beperkt tot zo’n acht procent.

Respondenten reageren verschillend op allseasons. Een aantal wil ze liever niet verkopen en adviseert winterbanden.

Gevraagd naar de visie op het winterbandenaandeel de komende vijf jaar blijkt een grotere groep een lichte daling te verwachten: bijna zestig procent. De groep die een sterke daling verwacht verdubbelt. Bijna niemand verwacht groei van het winterbandenaandeel. Slechts vier procent ziet nog een lichte groei de komende vijf jaar. 

Er wordt al snel gewezen naar allseasons als de aanstichter van het dalend winterbandenaandeel. Ook voor dit bandentype vroegen we naar de status nu. Een kwart van de deelnemers zegt tussen de tien en twintig procent van de klanten met vierseizoenenbanden te krijgen. De bulk, 44 procent, zegt echter geen tot weinig allseasonrijders te hebben, maximaal tien procent van de klanten. Zestig procent van de respondenten ziet de komende vijf jaar wel een lichte stijging voor dit segment. Nog eens dertig procent denkt zelfs een sterke stijging te gaan meemaken.

Dat is best opvallend, want het imago van dit ‘compromis der compromissen’ is onder de enquêtedeelnemers niet altijd even denderend. Een greep uit de verschillende reacties die we kregen: “Vierseizoenenbanden maken veel lawaai: niet verkopen dus. Vierseizoenenbanden zijn een tijdelijke hype. Ze vallen mij erg tegen als het gaat om slijtage en daarom vind ik het alleen een alternatief voor mensen die weinig rijden.”


Asm | 29092020 | Bron: Lezersenquête


Belang advies

Uitzonderingen zijn er uiteraard ook: “Bij banden vervangen gaan bij ons 90% van de particulieren over naar vierseizoenenbanden.” De man of vrouw achter de balie bij het bedrijf speelt een belangrijke rol als het gaat om advisering en dus steken de respondenten ook de hand in eigen boezem: “Door goed advies (de beste band voor het juiste seizoen) zien wij nagenoeg geen afname van winterbanden. Loop je voor de klant uit met vierseizoenenbanden, dan zal de klant ook meer naar vierseizoenenbanden overstappen.” De eigen perceptie van allseasonbanden kan zo’n advies uiteraard beïnvloeden, iets waarin je zelf niet gelooft verkoopt immers lastiger. Bovendien kleurt het de toekomstverwachting van het marktpotentieel voor vierseizoenenbanden.

De adviesfunctie gaat niet alleen op bij de keuze voor het bandentype maar ook het vervangingsmoment. Zo roept een van de respondenten op om meer aandacht te schenken aan verouderde DOT-codes: “Dit moet je ook onder de aandacht van je klanten brengen. Een winterband is echt na 5 jaar te stug en heeft dan geen grip meer. Ook al zit er nog tachtig procent profiel op.”

Het weer speelt ook zijn rol. De reacties die we kregen brachten de zachte winters van de afgelopen jaren in herinnering. “Heel veel hangt af of er weer eens flinke sneeuw komt, daar staat of valt alles mee, veel berijders/eigenaren keken het weerbeeld afgelopen jaar aan om te besluiten of ze gingen wisselen.” Volgens een ander lijkt de vraag naar allseasons veel groter dankzij de recente zachte winters. Een enkeling legt ten slotte het verband met de groei van het thuiswerken en de daling van de gereden kilometers als gevolg daarvan.

Groei in winterbandenopslag

Dat de groei nog niet uit de externe winterbandenopslag is, constateert ook Arno Filippini. In zijn rol als algemeen directeur bij Tyrenet heeft hij inmiddels per seizoen een honderdduizend sets in de opslag: “We groeien tegen de markt in.”

Verspreid over de tien vestigingen lagen zo’n twee jaar geleden nog ruim zeventigduizend sets, wat de doorgemaakte groei visueel maakt. Gevraagd naar een verklaring hiervoor, daarbij hintend op het kopen van marktaandeel middels scherpe tarieven, klinkt het al snel ontkennend. “We zijn marktconform met onze tarieven. Wel zie je in de gehele markt dat de marges onder druk staan, maar dat is overal zo. Juist daarom is volume zo belangrijk.”

Bovendien is de logistiek belangrijk: “We leveren standaard via 24 uurs bezorging door het hele land. Dat we opslag in de regio hebben in plaats van een centrale opslag werkt ook in ons voordeel. Dit verkort de reistijden en vergroot dus de efficiency voor de klant.”

IT

Goede IT is een belangrijk instrument in het succes en Tyrenet vult dat in met een eigen interne IT-afdeling. “We koppelen met alle systemen en kunnen snel schakelen, cruciaal.” Het waarom is snel uitgelegd: “Eén kwijtgeraakte set kost een bedrijf dat de opslag in eigen beheer doet handen vol geld aan verloren uren. Dus moet je of goede IT hebben, of gaan uitbesteden. Maar ook dan blijft IT een factor. De meest efficiënte oplossing is direct koppelen met bijvoorbeeld Dealer Banden Beheer of Syntec en dat kunnen we. Schakelen tussen systemen, dubbele data-invoer, het is dan niet aan de orde.”

Allseasons

Een kwart van de omzet komt voor rekening van de allseasons, aldus Filippini. “Je ziet nu echter wel dat het aan beide kanten van de markt aandeel weghaalt. Zowel bij de zomer- als de winterbanden dus, dat was een paar jaar geleden minder.”

Deel dit artikel op​

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Laatste nieuws
4 april 2025
Samenwerking Atlante, Electra, Fastned en IONITY
4 april 2025
Rob Kranenbarg vervangt Ton Hermus bij Omnia CCS
4 april 2025
Autobedrijf zonder fratsen
3 april 2025
Europese Commissie beboet fabrikanten wegens recyclingkartel
3 april 2025
VOYAH breidt dealernetwerk uit met Wassink Autogroep
3 april 2025
Innovaties in gereedschap
Meest bekeken berichten
Recente reacties