Ik woon sinds 1982 in Almere en in tegenstelling tot wat veel mensen over de stad zeggen heeft het in mijn ogen een modern, levendig centrum. De markt op woensdag en zaterdag is een bruisende plek. Naast een breed aanbod winkels herbergt de stad veel horeca. Iedere avond is er leven. Begin oktober, toen de horeca in deze door corona veroorzaakte crisistijd voor de tweede keer moest sluiten, was de stilte meer dan overheersend, eerder deprimerend. Samen met een kennis die iedere avond zijn hond uitlaat, liep ik in die weken wat vaker laat op de avond door de stad. Mijn kennis had de behoefte om wat te kletsen, want in zijn bedrijf moest flink worden gesneden. Dat doet pijn. Zelfs als je van de stilte houdt, dan is zo’n horecaloos stadscentrum erg troosteloos en dat helpt de conversatie niet. Het was een dooie boel. Het was donker, want zelfs sommige winkels hadden het licht uitgedaan. Het scheelt immers in de energienota.
Op dat moment realiseerde ik me pas goed hoe kwetsbaar sommige sectoren en ondernemers zijn, geheel buiten hun schuld. Ik kreeg medelijden met hen die hun in jaren opgebouwde business in minder dan een jaar teloor zien gaan. Of je het nu eens bent met de keuze voor de sectoren die verplicht dicht moesten of niet, een onderbuikgevoel zegt je dat de overheid eigenlijk geen andere opties heeft, tenminste als je de zorg op één zet en de economie op twee. Ik denk aan de autobranche, met name aan de dealers die hun nieuwverkopen naar een bijna historisch dieptepunt zien afglijden en daar bovenop ook nog eens de druk op hun werkplaatsen voelen. En ik denk aan de schadeherstelsector, die al langere tijd met een bijna structureel lager werkaanbod moet leven.
Ik denk ook aan de universele werkplaatsen die gewoon open zijn, die weliswaar met de anderhalve meter hebben moeten leren leven, maar die wel hun boterham konden blijven verdienen. De stilte die hen in het weekeinde ten deel valt, is er een na een week hard werken. Ook deze harde werkers zitten dan thuis, want een restaurantje pakken, naar de kroeg voor een biljartje, een borrel of een pilsje zit er niet in. Dan wordt het ook bij hen stil. Hoe positief we stilte doorgaans ook ervaren, onze branche is toch gebaat bij wat meer drukte en lawaai.
0 reacties
Ook de universele garages ,zelfs de kleinere zullen de gevolgen gaan merken in de werkplaats.
Waar het bij de eerste coronagolf nog erg druk was omdat er ineens tijd was de auto naar de garage te brengen ,zo,n beetje iedereen zat ineens thuis, zijn deze zelfde auto,s door het weinige rijden aankomend jaar niet meer aan gebruikelijke onderhoud toe, hooguit een APK .
Ik merk al dat klanten die eerder 15 a 20 Dkm per jaar rijden nu nog maar 3 Dkm rijden,dat heeft gevolgen voor de aanstroom,niet nu…maar volgend jaar bij de APK wél, heb nu reeds 2 keer meegemaakt dat de klant alleen maar een APK wil, niet de beurt erbij, hooguit een check.