Ondernemen met een branchevereniging

Peter Niesink

Verwar dat bewustzijn vooral niet met een term zoals ‘op de tent passen’. Ik stel de term ‘rentmeesterschap’ voor, om te zien of de Bovag-directeur zich erin herkent. Een instemmende reactie volgt. Niesink koestert zeker ambities maar is tegelijkertijd vol lof over zijn voorganger Koos Burgman. “Hij heeft de lat hoog gelegd voor me. Ik zou graag zien dat ze ooit over mijn periode bij Bovag zeggen dat ik het nog wat beter achterliet dan bij mijn aantreden. Zeker niet slechter, want Koos heeft een erg goede organisatie neergezet. Die wens is dus niet eenvoudig te realiseren.”

Als snel volgt de nuance. “Niemand kan dit alleen en ik prijs me dan ook gelukkig met zo’n sterk team. Niet alleen hier in Bunnik, maar ook in de afdelingsbesturen. Neem de buitendiensten. In de regio zijn zij het gezicht van Bovag. Als ik hoor wat Bovag-mensen allemaal voor de leden doen! Dat gaat vaak verder dan strikt genomen tot hun takenpakket zou behoren. Gelukkig staan ze er zo niet in en hebben ze maar één doel: hun klant, het Bovag-lid, op de best mogelijke manier van dienst zijn. Niet omdat ik of iemand anders het zeg, maar omdat ze dat vanbinnen zo voelen. Dat maakt mij zo trots op mijn team.”

Verborgen succesverhalen

Veel van die succesverhalen komen nooit verder dan de direct betrokkenen, verborgen voor overige leden en zeker de niet-leden. En soms zijn het geen succesverhalen. “Een faillissement is heftig voor alle betrokkenen, maar wij zien het als een belangrijke taak er juist dan te kunnen zijn voor de leden die dat treft. Maar ook op het niveau van politiek en wetgeving. Neem het Klimaatakkoord, wat heel anders had kunnen uitpakken voor onze leden. Of de Franchisewet, waar we met MKB Nederland optrokken. In totaal zijn we er tien jaar mee bezig geweest om te bereiken wat er nu staat.”

‘De digitale transitie van product en proces is een echte gamechanger’

Ik ben benieuwd naar de rol van een branchevereniging, een instituut zoals Bovag, in een maatschappij waarin het verenigingsleven een schim is van het wat een halve eeuw geleden was. Of het nu gaat om sportclubs, vakbonden of brancheverenigingen: de ledenaantallen en de bereidheid om actief te worden binnen een vereniging nemen af. “Er is zoveel onbekendheid over wat een vereniging als de onze doet voor de leden. Er zijn leden die betalen om diensten af te nemen bij commerciële marktpartijen, terwijl ze die ook via ons hadden kunnen laten lopen. Gewoon binnen hun contributie, het is al onderdeel van het lidmaatschap.”

De afgelopen jaren is dan ook veel geïnvesteerd om dat stuk van de belangenbehartiging te intensiveren. “Toen ik zeven jaar geleden bij Bovag begon is een visietraject gestart om de nabije toekomst vorm te geven. Van een branchevereniging verwacht men dat ze vooral goed zijn in wat we de secundaire processen noemen: regelgeving, politiek, lobbywerk, de ontwikkelingen op lange termijn. In de recente strategische rondes hebben we ons meer gericht op de primaire processen van onze leden. Hoe kunnen we die versterken?”

Platform Viabovag

Viabovag, gelanceerd als occasionportaal van en voor de leden, laat dit mooi zien. De stip op de horizon is dat het veel meer wordt dan een website met het ledenaanbod aan gebruikte auto’s. Denk aan verbreding van het aanbod vanuit andere afdelingen, maar ook door er steeds meer diensten aan te bieden. “Viabovag is onderdeel van een uitgebreide platformstrategie, onder meer in nauwe samenwerking met Bovemij. Alle producten en diensten moeten er uiteindelijk onder komen te hangen. Een belangrijke stap zetten we dit jaar als de afdeling Fiets wordt toegevoegd aan het platform. Verder in de toekomst kijken we naar producten zoals maandabonnementen voor reparatie en onderhoud.”

‘Kies je toekomstbeeld. Niets is zo erg als geen keuze maken.’

Dat klinkt als ondernemen met een brancheorganisatie? “Dat is niet zo bijzonder voor Bovag, in tegendeel! Toen Innovam begon, toen nog VAM geheten, was dat ook ondernemerschap in mijn ogen. Of de introductie van de garantie, er zijn legio voorbeelden van ondernemerschap. De rode draad is steeds dat we onze leden willen helpen bij de ontwikkelingen op de langere termijn maar zeker ook in de dagelijkse bedrijfsvoering.”

Belang samenwerking

“De ontwikkelingen in de auto-industrie gaan hard, zoals we allemaal weten. Het is cruciaal dat zowel de kennis als de ervaring bijblijft bij de huidige stand van de techniek. Dat er nu op grote schaal onderlinge samenwerking plaatsvindt om dat te bereiken vind ik geweldig.”
Dat brengt het onderwerp op de verhouding tussen de onafhankelijken en het merkkanaal. “We zeggen altijd dat die strijd tussen beide overal in het land gevoerd wordt, maar niet hier in Bunnik. Dat gezegd hebbend: de macht van autofabrikanten en hun importeurs raakt zeker de eigen dealers. In ons land speelt het minder, maar ik zie over de grens wel dat dealers links en rechts worden ingehaald door hun eigen fabrikanten/importeurs. De grote dealerholdings in ons eigen land investeren in risicospreiding en willen de data van de klant die de auto verzamelt ook in hun eigen systemen integreren. Een goede ontwikkeling. Het debat over die data en de beschikbaarheid ervan voor partijen buiten de fabrikant zelf is momenteel in volle gang. Ik hoop dat er in de toekomst plek blijft voor het onafhankelijk autobedrijf. Dat kan alleen als de datastromen toegankelijk zijn en blijven.”

Niesink constateert tevreden hoe beweeglijk ondernemers zijn en illustreert dat met een ervaring uit de wereld van de motorfietsen. “Twee jaar geleden ging ik met een groep ondernemers naar een motorbeurs en toen was er best wat negativisme rond elektrische scooters. Nu zie je dat diezelfde groep tien procent van de omzet uit elektrische scooters haalt. Dat vind ik mooi. Succesvol ondernemen is een combinatie van goede ideeën en de juiste timing en dat zie je hier terug.”

‘Verder in de toekomst kijken we naar producten zoals maandabonnementen voor reparatie en onderhoud.’

Terug naar de autowereld aan het begin van het derde decennium van de 21ste eeuw. Grote thema’s zoals de energietransitie, bedrijfsopvolging, het pensioenvraagstuk, datastromen, of mobility as a service (MaaS) bepalen menig agenda, terwijl veel ondernemers hun geld verdienen aan de klassieke vormen van automobiliteit. Hoe navigeer je succesvol langs zo’n spanningsveld? “Tsja, het lijkt wel of er steeds meer trends bij komen en er niets wegvalt. Het autodelen bijvoorbeeld heeft niet de plaats ingenomen van de eerste auto, hooguit in sommige gebieden van een tweede auto. Private lease nam een vlucht bezien over de afgelopen tien jaar, maar tegelijkertijd blijft het wagenpark wel gestaag verouderen. Gelukkig maak ik geen ondernemers mee die denken dat het hun tijd wel zal duren. Integendeel, zou ik willen zeggen. We zijn er ook voor alle leden, niet alleen voor een uitermate gedreven en innovatieve kopgroep. We zijn er echt voor iedereen.”

Wel/niet doorgaan

Het programma ‘stoppen of doorgaan’ illustreert dit. “Ik ken ondernemers die kinderen hebben maar absoluut niet willen dat die het zouden overnemen. Daartegenover staan ondernemers die het juist zo gunstig mogelijk willen zien over te dragen en nu ook investeren om een toekomstbestendig bedrijf te hebben voor de kinderen. Een derde kiest voor gecontroleerd afbouwen en past zijn investeringsbeleid nu daar op aan.”

Niesink benadrukt dat elk van de genoemde voorbeelden een inspirerend verhaal biedt voor andere ondernemers binnen het programma. “Het levert stof tot nadenken. Er is geen goed of fout. Situaties zijn ook niet altijd een op een vergelijkbaar. De enige fout die je zou kunnen maken is niets doen. Er is niets zo slecht als geen keuze maken: dan verlies je de regie en word je speelbal van de ontwikkelingen die onvermijdelijk op je af komen.”

Uiteindelijk heeft niemand die glazen bol die vertelt wat er gaat komen. “Daarom is het uitdenken van scenario’s zo belangrijk”, zegt hij, de eerder al geschetste flexibiliteit van de ondernemer in herinnering brengend. “Het dwingt je tot nadenken over je eigen positie in die mogelijke werkelijkheid. Gaan we inderdaad en masse elektrisch rijden zodat onze afhankelijkheid van de traditionele slijtdelen onze achilleshiel blijkt? Dan vinden we ongetwijfeld nieuwe inkomstenbronnen. Gedurende het bestaan van Bovag hebben onze leden, de ondernemers, steeds weer heel flexibel weten om te gaan met marktveranderingen. Dat verandert niet.”

In gesprek met Mona Keijzer, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *