Na afloop van hun leaseperiode worden veel elektrische auto’s geëxporteerd, een ontwikkeling die zich in 2025 onverminderd heeft voortgezet, aldus ING Research. Dat is opmerkelijk, omdat deze voertuigen destijds met forse fiscale voordelen zijn gestimuleerd.
De lage bijtelling moest elektrisch rijden aantrekkelijk maken en bijdragen aan de CO₂-reductie. Nu de export van de elektrische auto onverminderd doorgaat, moet de milieuwinst op andere manieren worden gerealiseerd, vaak tegen hogere maatschappelijke kosten, aldus de mobiliteitsexperts van ING.
Vliegende start
Tegelijkertijd heeft die lage bijtelling wél zijn doel gediend. De regeling gaf elektrisch rijden een vliegende start en zorgde voor een versnelling in de markt. Daardoor kwamen belangrijke randvoorwaarden, zoals de snelle uitbreiding van laadinfrastructuur, eerder van de grond. Het bekende kip-en-ei-probleem werd doorbroken, wat de basis legde voor de verdere groei van elektrische mobiliteit.
Waar gaat het mis?
Het overgrote deel van de nieuwe elektrische auto’s belandt eerst vier tot vijf jaar in de zakelijke lease. Zodra deze contracten aflopen, komen de voertuigen terug op de markt, maar blijkt de binnenlandse vraag beperkt.
Particuliere kopers krijgen nog nauwelijks financiële prikkels om elektrisch te rijden, terwijl zakelijke rijders die wel hadden. Zolang de tweedehandsmarkt niet actief wordt ondersteund, dreigt de energietransitie juist in dit segment vast te lopen, voorspelt ING.
Sterke toename
BOVAG en RDC noemden al eerder de sterke toename van de export van elektrische auto’s. In het eerste halfjaar van 2024 waren dat er nog 9.074, tegenover 19.655 in dezelfde periode vorig jaar: een stijging van maar liefst 116,6 procent. Daarmee stonden EV’s op de derde plaats qua exportvolume, na benzine (75.576) en diesel (50.376). Hybrides volgen met 10.225 exporten.
Onder de geëxporteerde EV’s waren de Tesla Model 3 (5.915), Kia Niro (1.428), Hyundai Kona (1.169) en Audi E-tron (1.017) het meest vertegenwoordigd.