Elektrisch rijden zit stevig in de lift, maar de groei van het aantal laadpunten houdt lang niet overal gelijke tred. Uit cijfers van mrwheelson.nl blijkt dat automobilisten in sommige Nederlandse gemeenten inmiddels met tientallen tegelijk één laadpaal moeten delen. Met name voor mensen zonder eigen oprit kan dat een flinke uitdaging zijn.
De verschillen binnen Nederland zijn groot. In gemeenten als Blaricum, Pekela, Dantumadiel (Friesland), Laren en Wijk bij Duurstede delen tussen de 22 en 31 auto’s één laadpunt. Dat betekent in de praktijk: plannen, wachten of uitwijken naar een andere wijk. De kans op een vrije laadpaal is hier simpelweg klein.
Aan de andere kant van het spectrum zijn er ook gemeenten waar de druk veel lager ligt en elektrisch rijden juist relatief zorgeloos is. De laagste laaddruk is er in de gemeenten Sluis, Loon op Zand, Rotterdam, Amsterdam en Nieuwegein.
Ook per provincie duidelijke verschillen
Op provinciaal niveau oogt het beeld iets rustiger, maar ook daar zijn duidelijke verschillen zichtbaar. In Friesland, Drenthe en Flevoland ligt de laaddruk het hoogst, met gemiddeld zeven tot acht auto’s per laadpaal. In Zeeland, Zuid-Holland en Noord-Holland is de situatie gunstiger, met vier tot vijf auto’s per laadpunt.
De stijgende laaddruk is deels te verklaren door de populariteit van elektrische en hybride auto’s, aangejaagd door hoge brandstofprijzen en fiscale voordelen. Tegelijkertijd blijkt de uitrol van laadinfrastructuur niet overal snel genoeg te gaan.
Voor consumenten die overwegen elektrisch te gaan rijden, is dit een belangrijk aandachtspunt. Zeker zonder eigen laadmogelijkheid kan de beschikbaarheid van publieke laadpalen bepalend zijn voor het dagelijks gebruiksgemak. Wie de overstap overweegt, doet er dan ook goed aan om vooraf te kijken hoe de situatie in de eigen gemeente is.