Op het World Mobile Congres 2016 in Barcelona, hebben autofabrikanten en telecom-aanbieders besloten om nauwer samen te werken. Om te zorgen voor een probleemloze overgang naar connected en autonoom rijden de voertuigen te bewerkstelligen, is besloten om op drie strategische dossiers samen gas te geven.
Europees commissaris Günther Oettinger, die verantwoordelijk is voor Digitale Economie en maatschappij, neemt daarbij het voortouw en zal de voortgang monitoren. De EU gaat ervan uit dat in 2030 ongeveer 44 miljoen voertuigen (waarvan naar schatting de helft in West-Europa) connected dan wel hoog autonoom op de wegen rondrijden. En ook al is dat percentage ten opzichte van het Europese wagenpark van bijna 300 miljoen voertuigen relatief klein, toch zal de invloed op de rijveiligheid zodanig zijn dat een digitale infrastructuur een must zal zijn.
Drempels slechten
In september 2015 werd een werkgroep ‘EU Industry Dialogue on automated and connected driving’ opgericht. Met name om drempels te slechten die de introductie van een digitale infrastructuur zouden kunnen belemmeren. Oettinger staat dan ook achter de drie dossiers die nu zijn gedefinieerd.
Allereerst het bevorderen van connectivity in het algemeen. Dat betekent dat zowel private partijen (denk aan telecombedrijven) als overheden – met support van Brussel – moeten investeren in betrouwbare en algemeen toegankelijke netwerken. Hier speelt ook de introductie van 5G een rol.
Tweede punt is standaardisatie. Telecombedrijven en automobielfabrikanten zullen bereid moeten zijn volgens dezelfde protocollen te werken en systemen te ontwikkelen. Samenwerken is dus een voorwaarde.
Het derde punt is cruciaal: het garanderen van de veiligheid van de systemen. Wanneer dataprocessing – via de cloud – plaats zal vinden moet dat absoluut veilig gebeuren. Kortom, drie dossiers waar de tanden in kunne worden gezet.