Slechts één op de vijf (21 procent) van de Nederlandse bedrijven heeft bedrijfsbrede doelen voor CO2-reductie vastgesteld. Van de bedrijven mét doelstellingen erkent één op de vijf dat de mobiliteit van medewerkers een significante rol speelt.
Dat zijn enkele uitkomsten van de Wagenpark- en mobiliteitsbarometer 2026 van de Arval Mobility Observatory, een jaarlijks onderzoek onder ruim tienduizend bedrijven wereldwijd, waaronder ruim driehonderd in Nederland. Daaruit blijkt dat nog niet de helft van de bedrijven alle noodzakelijke maatregelen neemt wanneer wetgeving ze verplicht hun wagenpark voor personenauto’s uiterlijk in 2030 volledig te elektrificeren. 46 procent legt dan de keuze bij de werknemer neer via een mobiliteitsbudget in plaats van een leaseauto ter beschikking te stellen.
Tijd voor actie
Namens de Arval Mobility Observatory vat Arjos Bot de situatie kort samen: “De cijfers laten zien dat het bewustzijn er is, nu is het tijd voor actie. Bedrijven die concrete doelstellingen vastleggen, behalen een voorsprong: regelgeving versnelt, brandstofprijzen stijgen en daarmee wordt de businesscase voor elektrisch rijden sterker met de dag.”
Werknemersmobiliteit
“Daarbij is de transitie allang niet meer alleen een strategische keuze van bovenaf. Medewerkers spelen een steeds grotere rol in het mobiliteitsbeleid van hun werkgever en verwachten dat bedrijven de stap naar elektrisch rijden zetten. Bedrijven die daar op inspelen, versterken zichzelf als werkgever én positioneren zich als toekomstgerichte organisatie. Het mobiliteitsbudget speelt daarin een sleutelrol: het geeft medewerkers de vrijheid om zelf te kiezen, terwijl de organisatie flexibel blijft binnen de kaders van aankomende regelgeving.”