Manager wordt sleutelende ondernemer

Als je graag aan oude auto’s sleutelt, kun je twee dingen doen. Het buiten kantooruren doen, zoals we regelmatig zien in de populaire, gelijknamige rubriek achterin Aftersales Magazine. Voor de optie ‘binnen kantooruren’ is meer lef nodig. Frans Berkien deed het maar wuift de term lef liever weg: “Ik denk liever in kansen dan in obstakels.”

Alwin Schut en Frans Berkien (rechts) worden enkele dagen in de week bijgestaan door Adri Koster (niet op de foto).

Veel mensen dromen ervan: van je hobby je werk maken. Nadeel is dat je dan een nieuwe hobby moet zoeken, maar dat hebben die mensen er graag voor over. Frans Berkien (36) stopte met dromen en trok de stoute schoenen aan. In plaats van in de schaarse vrije uurtjes aan klassiekers te sleutelen, doet hij het nu fulltime om ’s avonds bij zijn vrouw en de twee kleintjes te genieten van een gezinsleven. “Al vliegt de dag voorbij en moet ik me regelmatig losrukken van het werk om naar huis te gaan. Als ik niet oplet ga ik toch te lang door.” Na de HTS succesvol te hebben afgerond volgden eerst werkgevers zoals branchevereniging Focwa en Jifeline. “Een baan als projectmanager is best een logische stap na zo’n studie als ik deed. Maar, eerlijk gezegd, werk ik eigenlijk veel liever gewoon met mijn handen.”

Voor het gesprek trekt hij zich even los van de onderhanden zijnde klus. We staan naast een gescalpeerde DS. Het dakpaneel is al gereed voor montage, maar zoals dat gaat met klassiekers, de onderliggende constructie gaf nog wat onzichtbare gebreken prijs. Idem voor het gedemonteerde achterscherm waarachter nog wat constructiewerk nodig is. “Dat is waar we hier goed in zijn: het carrosseriewerk. Voor de aandrijflijn of voor bekledingswerk hebben we een netwerk van lokale partners waar we gebruik van maken.”

Controle met camera

Collega Alwin Schut is intussen bezig met een Volvo P1800 die volledig in de primer staat, klaar voor het spuitwerk (Artifex spuit Akzo). De eigenaar heeft de auto al sinds 1969 en er zelf sindsdien ook wel aan gelast. Nu moet de auto helemaal terug naar origineel. “Reken maar dat hij straks met een cameraatje in de dorpels kijkt om te zien of we het wel gedaan hebben zoals het hoort. Dat is het type klanten dat we hier zien. Ze komen ook in de werkplaats kijken naar de vorderingen en we houden ze via Whatsapp veelvuldig op de hoogte tijdens het proces. Er gaat al met al best wat tijd zitten in het contact met klanten, heel anders dan bij veel reguliere schadeherstellers. Daar ligt het klantcontact bij de front-office en is de werkplaats verboden terrein voor klanten.”


‘Denken in kansen in plaats van in obstakels’


Misschien lijkt het nu dat het hier om lastige klanten gaat, maar zo moet je dat niet zien: “Integendeel. Het allerleukste aan mijn werk vind ik juist het contact met de klanten”, zegt Berkien. “Het zijn liefhebbers en dan gaat de liefde voor de auto toch voor andere dingen zoals de hoogte van de kosten of de tijdspanne die een project vraagt. Niet dat we een blanco cheque krijgen, integendeel. Er is alleen altijd wel het besef bij klanten dat dit soort werk onvermijdelijk gepaard gaat met ongewenste verrassingen. Onze strategie is altijd: we doen het goed of we doen het niet. Dat weten klanten.”

Naam opgebouwd

Zo is het niet toevallig dat we een DS zien in de werkplaats. “We hebben in korte tijd een naam in dat wereldje opgebouwd. Een van de allereerste productie ID19’s had voor een reparatie de motorkap gedemonteerd om deze veilig op te bergen. Juist toen is deze gevallen en flink beschadigd. Bij reguliere auto’s zeg je dan al snel: de uren die nodig zijn om het plaatwerk weer fabrieksnieuw te krijgen wegen niet op tegen de snelheid van gewoon een nieuw onderdeel te bestellen. In het geval van zo’n unieke en nog originele auto is originaliteit goud waard en dus maak je de uren om het onderdeel te kunnen behouden. Daar haal ik heel veel voldoening uit.”


‘Passie voor vakmanschap,
in combinatie met een persoonlijke benadering.’


Nu de onderdelenstrategie toch ter sprake komt: Artifex monteert een combinatie van origineel (nieuw en gebruikt) en wat er beschikbaar is via de onafhankelijke aftermarket. Omdat het klassiekers betreft kan dat ook reproductie betreffen. Het tweetal schrikt er ook niet voor terug om waar nodig zelf delen te fabriceren. De benodigde middelen voor metaalbewerking zijn in huis. “Omdat onze klanten liefhebbers zijn weten ze vaak ook zelf wel wegen. Het kan zijn dat ze zelf onderdelen aandragen of ons tips geven over adressen.”

Niet uit het niets

Over de kansen om uit het niets een bedrijf zoals het zijne te starten is Frans Berkien duidelijk: “Ik denk dat die een stuk kleiner zijn dan wanneer je al een basis hebt.” In zijn geval kwam die kans toen hij hoorde van Adri Koster zijn plannen om af te bouwen. Alwin Schut ken ik al heel lang en maakte de overstap naar Artifex Autoschadeherstel en Autorestauratie. Adri zelf werkt er nog één à twee dagen in de week. “Adri heeft geweldig veel kennis en ervaring dus dat we daar van kunnen profiteren is een belangrijk voordeel. En hij vindt het leuk om betrokken te blijven.”

Van een traditionele overname, in de zin van het doorzetten van de naam en de vestigingslocatie is geen sprake. Berkien betrok een ruime en lichte bedrijfshal en vulde die met gebruikte apparatuur. De CWN-spuitcabine is ook gebruikt, met een verleden bij Ekris Veenendaal. Aan de gevel prijkt de naam Artifex Autoschadeherstel en Autorestauratie. 

“Voor de langere termijn wil ik die naam extra lading geven, die moet ergens voor staan dat losstaat van mij persoonlijk. Daarom staat mijn naam ook niet op de gevel.” Een bedrijf met tientallen personeelsleden of meerdere vestigingen ziet hij in ieder geval niet voor zich. “Een collega erbij, dat zou ik best willen. Maar het is niet dat ik actief op zoek ben. Het gaat mij om de klik. Als ik iemand tegenkom en de klik is er dan sta ik er zeker voor open. Sowieso moet iemand in het team passen en onze filosofie over herstel en restauratie omarmen.”

We hebben het tot nu toe steeds gehad over restauratie. In de werkplaats staan echter ook een jonge Mercedes CLA Shooting Brake en een Golf. “We zitten niet in de gestuurde schade-stroom, maar dat betekent niet dat we geen jongere auto’s voor regulier schadeherstel binnenkrijgen. We draaien ook daar onze handen niet voor om.” Een uitlijnbrug en ADAS-apparatuur staan evenwel niet opgesteld. “Mocht dat aan de orde zijn dan gebruiken we daarvoor partners. Voor nu zijn voor ons de aantallen dermate laag dat het geen zin heeft erin te investeren. Onze focus ligt immers toch op het pre-ADAS-tijdperk.”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *