Het hefbruggenkeurmerk: keuring met onderhoud

Auto- en garagebedrijven moeten weten waar ze aan toe zijn. Volgens geluiden uit de markt is het niet altijd duidelijk waarom een hefbrug wordt afgekeurd. Bovendien zien sommige werkplaatsmanagers dat de ene partij een hefbrug afkeurt en een ander deze alsnog goedkeurt. Verschillen tussen de keurmerken onderling zouden niet mogen bestaan, zeker niet omdat we allemaal dezelfde norm hanteren.

Het RAI Vereniging-keurmerk telt 35 deelnemers die op dit moment jaarlijks ruim elfduizend keuringen verzorgen volgens de geldende Europese norm EN NEN1493. Om ervoor te zorgen dat alle keurende ondernemingen op één lijn zitten als het gaat om de interpretatie van de keuringsresultaten is op initiatief van Autec-VLT, Stokvis Service en RAI Vereniging afdeling Autovak een interpretatiecommissie gevormd. Deze drie organisaties hebben ieder een eigen keurmerk dat door de RDW is erkend. De interpretatiecommissie streeft naar eenheid, waardoor er – uitgaande van dezelfde norm – geen interpretatieverschillen meer kunnen zijn tussen deze drie keurmerken. Dan kan de huidige verwarring bij de klant worden voorkomen, net als de vraagtekens die een werkplaatsmanager wellicht zet bij een keuringsbedrijf. Momenteel wordt gekeken waar de verschillen van inzicht door veroorzaakt worden.

Een ander misverstand, zeker bij auto- en garagebedrijven, is dat de keuringen alleen gelden voor APK-hefbruggen. Alle hefbruggen dienen echter vanuit het Arbo-besluit onderhouden te worden door een externe deskundige. Het kan natuurlijk nooit zo zijn dat de APK-keurmeester onder een gekeurde brug mag werken en zijn collega’s niet. Onderhoud en keuring zijn belangrijk, dat hoef je een werkplaatsmonteur of -chef niet uit te leggen. In onze ogen dient de combinatie van onderhoud en keuren samen te gaan. Een actueel gegeven, nu Bovag (via Bovag Ledenwinkel en in samenwerking met Kalibra Cofely) van plan is hefbrugkeuringen te gaan aanbieden.

Alleen het keuren van hefsystemen kan wellicht leiden tot meer afkeur, omdat er defecten geconstateerd worden die tijdens het onderhoud verholpen hadden kunnen worden. De praktijk is nu dat eerst het onderhoud plaats heeft en daarna de keuring wordt gedaan. Net zoals bij een onderhoudsbeurt van een auto die wordt gecombineerd met een APK. En het is nog maar de vraag of een niet in het onderhoud gespecialiseerde partij bij een geconstateerd gebrek snel kan beschikken over de benodigde onderdelen. Moet het garagebedrijf dan weer een nieuwe afspraak maken met de hefbruggenleverancier? In de tussentijd mag de hefbrug misschien niet gebruikt worden wat het autoen garagebedrijf omzet kan kosten. Vandaar onze stelling: onderhoud en keuren moeten eigenlijk samen gaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *