Het gaat goed met de onafhankelijke autobedrijven in Nederland, maar niet alles gaat goed. Zo mogen de banken wel wat meer verantwoordelijkheid nemen.

In nog enigszins diplomatieke bewoordingen deelde voorzitter Gerard ten Buuren direct een sneer uit aan de banken tijdens de plenaire bijeenkomst op het jaarcongres van BOVAG Onafhankelijke Autobedrijven op 3 oktober in Utrecht. “De banken, ik vind ze buitengewoon onfatsoenlijk. Voor ons als midden- en kleinbedrijf is het bijna onmogelijk geworden om nog krediet te krijgen, omdat de banken te weinig kennis hebben van de autobranche. Het autobedrijf is niet alleen gericht op winstmaximalisatie. Als BOVAG zijn we druk bezig om dat duidelijk te maken”, aldus de voorzitter.

Dat het jaarcongres een echt ondernemersfeestje was, werd benadrukt door Jacco Vonhof, voorzitter van MKB Nederland, die zijn pijlen richtte op de overheid. Volgens Vonhof is de overheid vergeten te handelen vanuit vertrouwen en probeert ze, door het optuigen van allerlei regelgeving, krampachtig alle mogelijke vormen van misbruik uit te sluiten, terwijl ze zich zou moeten richten op beleid op de lange termijn. “Het gevolg is dat je in Nederland als uitkeringsgerechtigde een dief van je eigen portemonnee bent als je gaat werken”, aldus Vonhof. “Werken moet lonen.”

Worden alle auto’s elektrisch?

In de kantlijn van het jaarcongres werden diverse kennissessies gehouden, onder meer over de vraag of uiteindelijk alle auto’s elektrisch zullen worden. Bovag-lobbyist Rogier Kruin gaf in zijn sessie al direct zelf het antwoord op deze vraag: ja, elektrische auto’s zijn voor de toekomst de beste keuze.

In zijn onderbouwing zette Rogier elektrische auto’s af tegen biobrandstoffen, waterstof en e-fuels. Dat deed hij door vier aspecten te belichten: duurzaamheid, consumentenperspectief, beschikbaarheid en infrastructuur. Hieruit bleek dat elektrisch rijden misschien niet perfect is, maar het is momenteel wel de beste optie om mobiliteit te verduurzamen. Biobrandstoffen worden dan wel duurzaam gewonnen uit plantenresten, gezien de schaarste zouden we deze planten speciaal moeten laten groeien. De ruimte en energie die dit kost, staat duurzaamheid in de weg. Waterstof en e-fuels kosten te veel energie om te maken, en zijn dus niet efficiënt.
Vanuit consumentenperspectief erkende Rogier dat een benzineauto momenteel in aanschaf en gebruik goedkoper is dan een elektrische auto. Dit blijft waarschijnlijk nog even zo, maar voor de toekomst is benzine geen optie. Biobrandstoffen zijn alleen geschikt voor dieselvoertuigen, waterstof en e-fuels zijn veel te duur voor consumenten.
De problemen op het stroomnet verbleken bij de andere opties: voor massale hoeveelheden biobrandstoffen zijn er niet genoeg grondstoffen, en waterstof en e-fuels zijn alleen duurzaam te produceren bij een overschot aan groene energie. Gezien het aantal laadpalen in Nederland wint elektrisch rijden ook op het gebied van infrastructuur. De overstap gaat wel langzaam. Rogier Kruin verwacht dat pas in 2038 het kantelpunt wordt bereikt waarbij er meer elektrische dan brandstofauto’s rondrijden in Nederland. Het is vooral overheidsbeleid dat de snelheid bepaalt.

Dat het de overheid ontbreekt aan langetermijnvisie was ook voor Ten Buuren onverteerbaar. “We waren goed op weg met de CO2-reductie. Nu de overheid geld nodig heeft, halen ze dat weg bij de elektrische auto. Met als gevolg: de verkoop is nul. De handel in gebruikte elektrische auto’s is ingestort. Ik begrijp niet dat ze dat in Den Haag niet zien. Ik vind dat doodzonde. De hybride auto is een mooie tussenoplossing naar emissievrij rijden, maar omdat die auto zwaarder is dan een benzineauto betaal je meer motorrijtuigenbelasting dan voor een benzineauto. Dat kun je toch niet uitleggen?”

AI in de werkplaats

Chris van Vleuten hield een presentatie over kunstmatige intelligentie en welke kansen AI biedt voor het autobedrijf. Voor internationale verkopen is een dienst als HeyGen.com bijvoorbeeld handig, waarmee een video van een verkoper in elke gewenste taal kan worden getoond. Voor de werkplaats kan AI zich vooral bewijzen in de vorm van trainingen. Voertuiganalyse wordt eenvoudiger met AI. Ook kan met behulp van kunstmatige intelligentie de kans worden berekend, gegeven de data uit de auto, dat een bepaald onderdeel stuk gaat. Voorspellend onderhoud is daarvan het gevolg. De werkplaats krijgt daardoor minder onverwachte reparaties te verwerken, wat leidt tot een stabielere werkstroom. Een chatbot kan bijvoorbeeld klanten helpen bij het beantwoorden van veelgestelde vragen. Dit haalt de druk bij de medewerkers van vlees en bloed weg en is in die zin ook een oplossing voor het personeelstekort. Kortom: voorbeelden te over. AI in de werkplaats staat nog maar in de kinderschoenen. Het advies van Chris van Vleuten luidt daarom: ga ermee aan de slag en ontdek wat AI voor jouw bedrijf kan betekenen.

Problemen

Desondanks gaat het goed met de Nederlandse economie en met het onafhankelijke autobedrijf in het bijzonder. Ten Buuren was het dan ook zeer oneens met hoogleraar Jan Willem Erisman, adviseur van de regering op het gebied van klimaat, die onlangs zijn vraagtekens zette bij het eigen autobezit. “Er wordt heel veel geroeptoeterd in Nederland. Ik erger me daar blauw aan. Laatst was er ook weer zo’n Randstad-professor die zei dat het bezit van een auto niet langer zeker is in de toekomst. Dan denk ik: ga dat lekker uitleggen in Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel, in Brabant, in Zeeland en in Limburg”, aldus Ten Buuren.


De echte problemen voor het autobedrijf zijn de energiekosten en het personeelstekort


De echte problemen voor het autobedrijf zijn volgens Ten Buuren de energiekosten en het personeelstekort. Wat dat eerste betreft draagt Bovag bij aan een oplossing door het energieplatform BOVAG Energie, dat ondernemers helpt te verduurzamen. Wat het tweede probleem betreft heeft Ten Buuren de oplossing ook niet paraat en is het probleem tweeledig: “Er is de uitstroom van ouderen die met pensioen gaan en mensen die halverwege hun loopbaan een ander traject kiezen. Aan de andere kant is er de beperkte instroom van BOL- en BBL-leerlingen. Die moeten wij betere mogelijkheden en betere kansen bieden.”

In een nieuwe opzet bood het jaarcongres kennissessies, minisessies, en veel ruimte en gelegenheid om elkaar te ontmoeten.

Oplossingen

Met zoveel mogelijk informatie in zo weinig mogelijk tijd wilde BOVAG met het jaarcongres in een nieuwe opzet een bijdrage leveren aan een oplossing voor deze problemen. Partners van BOVAG kregen in minisessies de gelegenheid hun boodschap over te brengen en tijdens diverse workshops werden onderwerpen uitgediept. Ten Buuren over die nieuwe opzet: “Als u vandaag twee of drie dingen heeft opgepikt waarvan u denkt: dat is interessant, daar ga ik morgen mee aan de slag, dan ben ik dik tevreden.”

Verdienen aan leaseonderhoud en onderhoudscontracten

Onder de prikkelende titel ‘Hoe verdien ik geld aan leaseonderhoud?’ gaf Ronald van Lankveld een interessante kijk op het onafhankelijke autobedrijf bij het aanbieden van leaseonderhoud. Zijn constatering: de leasemarkt heeft deze autobedrijven hard nodig. De leasemarkt groeit nog steeds met zo’n 5 tot 10 procent per jaar. Nu al omvat deze markt 1,5 miljoen auto’s.

Vroeger lagen reparatie, onderhoud en banden (ROB) voor leaseauto’s vooral bij merkdealers, maar door onder meer de groei van de markt, de veranderende rol van dealers in agenturen en nieuwe retailconcepten van Aziatische autofabrikanten kijken leasemaatschappijen voor hun ROB steeds meer naar onafhankelijke autobedrijven. Daar komt bij dat er een groeiend tekort is aan technici, terwijl het werk juist steeds specialistischer wordt.
Volgens Ronald van Lankveld liggen hier kansen voor onafhankelijke autobedrijven. Leasemaatschappijen zoeken betrouwbare partners. Word je zo’n partner, dan kun je overleven. Er moet dan wel vertrouwen zijn tussen de verschillende partijen en het autobedrijf moet actief meedenken en zich flexibel opstellen. Op die manier is het streven van leasemaatschappijen om de kosten zo laag mogelijk te houden te combineren met het maken van winst door het autobedrijf.
Een goede overeenkomst met een leasemaatschappij kan voor een onafhankelijk autobedrijf bestaanszekerheid bieden. Deze moet zich dan wel aansluiten bij een formule of een garageconcept, want anders zal een leasemaatschappij geen zaken willen doen. Dit is direct waar de schoen wringt, want op dat moment onderhandelt het autobedrijf zelf niet over de prijs. In zijn presentatie gaf Ronald van Lankveld dus niet zozeer een antwoord op de vraag hoe een onafhankelijk autobedrijf geld verdient aan leaseonderhoud, maar meer hoe leasemaatschappijen graag zien dat autobedrijven zichzelf moeten opstellen.
Ook op de presentatie van William Potgieter en Carlo Hensgens, waarom onderhoudscontracten interessant zijn voor autobedrijven, viel wel wat af te dingen. Wil je er succes mee hebben, dan zul je er proactief mee aan de slag moeten gaan. Het onderhoudscontract verkoopt zich niet zelf. Je moet ook duidelijk uitleggen wat er wel en wat er niet onder valt. En als je ziet wat er allemaal niet onder valt (remmen, banden, ruitenwissers), dan vraag je je eigenlijk af welke consument er warm loopt voor zo’n contract.
Voor het autobedrijf levert het ook niet eens zozeer extra inkomsten op, als wel dat het onderhoudscontract in abonnementsvorm ertoe leidt dat het geld per maand binnenkomt, in plaats van incidenteel, en dus voor een gestage cashflow zorgt. Er is één groot voordeel: onderhoud wordt beter planbaar als je klant er een contract voor afsluit.

Foto boven: Gerard ten Buuren in gesprek met presentator Hélène Hendriks: “Bijna de helft van de ondernemers ervaart de energiekosten als een groot probleem.”

Deel dit artikel op

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Laatste nieuws
Meest bekeken berichten
Recente Reacties