Van Mossel Autoschade naar 2030

Er is veel gebeurd in de periode dat Ad van Diepenbeek binnen het conglomeraat dat Van Mossel is de leiding heeft over de autoschadetak. In de branche, maar ook voor Van Mossel Autoschade zelf. Zo groeide het aantal vestigingen fors, van nog geen handvol bijna tien jaar terug tot 26 stuks nu. Om voorbereid te zijn op de komende tien jaar is nagedacht over hoe 2030 er uit kan zien en hoe de onderneming daar dan in staat. “Dat was een jaar terug, voor corona”, herinnert Van Diepenbeek zich. “Zo’n strategisch toekomstplan bepaalt de denkrichting. Corona heeft daarin eigenlijk niet voor verandering gezorgd.” Duurzaamheid en innovatie blijken de kernwoorden, vaak ook in een onderlinge combinatie.

Nu is duurzaamheid een term die we ook wel een containerbegrip noemen: er valt zo veel onder dat het nietszeggend begint te worden en mogelijk voor verkeerde interpretatie vatbaar is. Duurzaamheid is voor Van Diepenbeek letterlijk duurzaam ondernemen: “Dat betekent dat je voor het bedrijf, voor het personeel en voor de klanten een gezonde toekomst nastreeft. Dan raak je dus aan bedrijfseconomische beginselen, maar ook aan Arbo en aan milieubewustzijn. Na een schade de auto weer veilig op de weg zetten hoort hier ook bij. Je kunt de elementen niet afzonderlijk zien.”


Het Italiaanse Bellini, in Nederland vertegenwoordigd door Altac, leverde deze IR-Evo UP voorzetpanelen om de bestaande cabine om te bouwen naar infrarood. Complete cabines met infrarooddroging zijn echter ook beschikbaar. Sven Zipp (Altac) demonstreert de bediening.


Ochtendritueel

Tijd voor een voorbeeld. Van Diepenbeek schetst een typisch ochtendritueel, niet zozeer specifiek voor zijn vestigingen maar voor veel schadebedrijven herkenbaar. “Je komt als eerste aan ’s ochtends en dan worden de lichten aan gedaan, de verwarming aangezet en dus ook de spuitcabine alvast warm gestookt. Want er gaan toch de hele dag auto’s door die cabine en dan is die alvast een beetje op temperatuur. Er zijn echter de afgelopen jaren een paar dingen veranderd die die routine het heroverwegen waard maken. Allereerst gingen er voortdurend auto’s door de spuitcabine maar dat is door de jaren heen aardig afgenomen.”

Een omgekeerde beweging zien we bij de energiekosten waar de overheid een prijsopdrijvende rol vervult. “Nederland moet van het gas af, dat is de visie van Den Haag. Het beperken van CO2-emissie is daarbij een belangrijke drijfveer, net als de omschakeling naar hernieuwbare energie. Er komen MKB-belastingen op CO2-emissies die de energiekosten omhoogstuwen. Als je je daar eenmaal bewust van bent, dan kijk je heel anders naar gewoontes binnen het bedrijf.”


‘Gas stoken is dure kostenpost’


Efficiënt drogen

Er is niet alleen gekeken naar mogelijk verspillende gewoontes binnen het bedrijf maar ook naar de apparatuur zelf. “De spuitcabine zelf is traditioneel een energieverslinder, zeker als deze ook nog eens zonder directe aanleiding wordt opgestookt. Normaliter stook je de cabine warm en zo droog je de laklaag van buitenaf. Met infrarood verwarm je niet indirect maar direct. Dat betekent dat de laklaag van binnenuit droogt. Het mes snijdt aldus aan twee kanten: je bent van het gas af en je hebt een efficiënter droogproces.”

Mooie theorie, maar Van Diepenbeek wilde eerst zelf de praktijk kunnen ervaren. Voor Weert, de locatie waar we te gast zijn, betekende een nieuwe cabine gezien de leeftijd niet wenselijk. Daar is gekozen voor een constructie met voorzetwanden. Er zitten echter ook wat nieuwbouwtrajecten in de planning en dan zullen complete infraroodcabines worden neergezet. “Voor nieuw te bouwen vestigingen geldt dat we deze allemaal direct zonder gasaansluiting ontwikkelen. Infrarooddroging sluit daar dus perfect op aan.”


Ook nieuw binnen Van Mossel Autoschade: een finale, gedigitaliseerde controleslag. Een van de controlepunten betreft het gebruikte aanhaalmoment per wielmoer. Mocht een auto niet slagen voor de finale controle dan gaat er een direct een rapport naar de vestigingsverantwoordelijke met een cc naar Ad van Diepenbeek. “Een auto moet direct slagen en zo niet, dan wil ik het weten.”

Vestigingsmanager Mark Longo (foto rechts) toont de mobiele unit waarmee de schadetaxatie wordt uitgevoerd. “Het is cruciaal dat op dat moment alle benodigde taken en onderdelen worden vastgesteld. Mis je iets dan zorgt dat gedurende de rest van het proces voor problemen.”


Routing aanpassen

De praktijkproef zoals die in Weert werd opgetuigd smaakt al snel naar meer, zegt Van Diepenbeek. “We zien nu gemiddelde droogtijden van elf tot dertien minuten. Dat was het dubbele. Ook de opstarttijd is nu een fractie van wat die was. Vijf, zes minuten was gebruikelijk en nu ben je na dertig seconden klaar om te beginnen.” Wanneer een fundamentele schakel binnen het proces zo extreem verkort wordt dan heeft dit onherroepelijk gevolgen voor de rest van de keten. “Zowel de planning als de routing moet je wel laten aansluiten op de nieuwe droogtijden. Als er wachttijden ontstaan dan schiet je weinig op met de efficiencywinst die je boekt in de droogtijden.”

Hoewel zo’n ombouw van een cabine dus best een investering vergt, weegt die niet op tegen de te boeken besparingen. De sector komt echter uit een situatie waarin veel geklaagd wordt over tarieven waartegen geen gezonde bedrijfsvoering mogelijk zou zijn. Ook in de ‘goede’ jaren hebben daardoor investeringen (te) stil gelegen. “Ik kan niet spreken voor andere bedrijven, zij moeten hun eigen beslissingen nemen. Zelf ben ik van mening dat je moet blijven investeren, ook als het even niet mee zit. De middelen moeten er uiteraard wel zijn. Voor ons zie ik nu de kansen om afstand te nemen ten opzichte van de markt. We moeten voorsorteren richting onze toekomstvisie zodat we onze positie daarin veilig kunnen stellen.”

Merkerkenningen

Centraal in die visie staan een aantal kernelementen zoals de al aangehaalde duurzaamheid en innovatie, maar ook efficiency, schaalgrootte en de nodige merkerkenningen. “De complexiteit van huidige en toekomstige generaties auto’s eist dat je altijd bij de tijd bent. Je moet toegang hebben tot de jongste technische data en bijbehorende trainingen volgen maar ook de noodzakelijke apparatuur hebben. Bij dit alles is het hebben van de juiste merkerkenningen cruciaal. Verzekeraars en fleetowners verlangen dit ook van hun herstelpartners. Wil je nu en in de toekomst blijven herstellen voor ze, dan zul je daarin moeten investeren.”


‘Nieuwe vestigingen vanaf de tekening al van het gas af’ 


De vestiging in Weert loopt niet alleen met de cabine vooruit op de ontwikkelingen zoals Van Diepenbeek die in gang gezet heeft. Tijdens de rondleiding valt de relatieve stilte op, die voor rekening komt van de gebruikte elektrische schuurmachines. “Schuren op perslucht is sinds jaar en dag de gewoonte, met alle herrie van dien. Bovendien is de compressor een relatief zware energieverbruiker. Als je zegt dat je elektrisch wil gaan schuren dan krijg je eerst gelach maar zodra de ervaring er is wil niemand meer anders. Het is een voorbeeld van het kritisch blijven op je processen. Bij alles wat je doet moet je je blijven afvragen of het zo wel de beste manier is. Niets is meer vanzelfsprekend.”

Extra controle

De rondleiding brengt ons terug richting de receptie. Vlak daarachter is de bekende schadetaxatiecirkel op de vloer te vinden. Ernaast is een ruimte ingericht voor een nieuwe methode van eindcontrole. Het is onderdeel van het digitale werkproces zoals dit in de groep steeds meer wordt gevolgd en waar onder meer Delta W voor tekende. “Ons doel is om elke auto zo snel mogelijk, zo goed en zo veilig mogelijk weer terug te geven aan de klant. We hebben in de verschillende tussenstadia interne kwaliteitscontroles ingebouwd maar we voegen daar nu een stap aan toe.”

De auto wordt voor deze stap geparkeerd op het specifiek daartoe ingerichte keuringsstation waar de auto met verschillende camera’s wordt beoordeeld. De diagnosepoort wordt uitgelezen door de medewerker en de aanhaalmomenten van de wielbouten worden bijvoorbeeld gecontroleerd. “Het klinkt misschien overdreven maar elke auto die terugkomt is er een te veel. Het moet de eerste keer allemaal direct goed zijn.”

Ad van Diepenbeek in de naar infrarooddroging omgebouwde cabine.

  • Avatar
    27 januari 2021 om 15:08
    Permalink

    Goed bezig Ad ! Toekomstbestendig in alle opzichten.

    Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *