Motorolie is belangrijk voor het goed functioneren van de brandstofmotor. Daarnaast is olie cruciaal voor de werkplaatsomzet en de bijdrage aan de marge van het autobedrijf. De EV-transitie zet die twee laatste vaste waarden op termijn onder druk.

Hoewel elektrische auto’s (EV’s) steeds vaker op de Nederlandse wegen verschijnen, blijft de auto met verbrandingsmotor (ICE) voorlopig dominant. De komende tien tot vijftien jaar zullen nog miljoenen benzine- en dieselmotoren op de wegen rijden, wat de vraag naar motorolie, in ieder geval op middellange termijn, blijft ondersteunen.

Aftersalesomzet

Een belangrijke trigger voor onderhoud, inclusief een oliewissel, is de apk. Van de ruim acht miljoen apk’s (personenauto’s) die in 2025 werden gerealiseerd, waren er volgens de RDC-cijfers bijna 157.000 voor een batterij-elektrische auto (BEV). 500.000 voertuigen betrof een hybride, 5,9 miljoen auto’s hadden een benzinemotor en nog eens 1,4 miljoen een dieselmotor. Kortom: de markt voor motorolie is nog lang niet uitgeput, want bij ruim de helft (51 procent) van die apk’s werd vorig jaar een onderhoudsbeurt uitgevoerd. Deze cijfers zijn tot stand gekomen op basis van WESP-data, gebaseerd op de werkplaatsfacturen van universele werkplaatsen (85 procent van de database die 1400 autobedrijven telt).

Ondanks dat het ‘gemiddelde’ autobedrijf niet bestaat, past het in de analyse van de WESP-data wel om van een gemiddelde te spreken. Hierbij wat gemiddelde cijfers over 2025 uit die database van WESP:

Het autobedrijf factureerde voor 64.445 euro aan smeerolie, waarbij 93 procent werd gerealiseerd met motorolie. Omdat het bij motorolie om relatief hoge marges gaat, zal het verlies aan omzet en marge in de loop van de EV-transitie aanzienlijk zijn.
Dat geldt ook voor de omzet in oliefilters, want ook die zal eindig zijn. Vorig jaar monteerde het gemiddelde autobedrijf 816 oliefilters.
Van de 977 uitgevoerde apk’s werden er 496 (51 procent) uitgevoerd in combinatie met een onderhoudsbeurt.

De EV-transitie zet deze vanzelfsprekendheid de komende jaren onder druk. Dealers die een stevig aandeel in de EV-transitie hebben, merken dat nu al, zeker als zij niet in staat zijn om de potentiële werkplaatsklanten met een (oudere) ICE-auto vast te houden voor hun aftersalesactiviteiten. Daarnaast creëren olieleveranciers kansen voor nieuwe smeermiddelen voor elektrische transmissies en bijvoorbeeld koelmiddelen voor EV’s.

Oliemarkt

Volgens diverse bronnen is de automotive smeermiddelenmarkt in ons land goed voor een omzet van ongeveer 110 tot 120 miljoen euro, waarbij motorolie binnen deze omzet het grootste segment is (schattingen liggen tussen de 75-85 procent). Daarnaast vallen ook transmissieolie, additieven en remvloeistoffen onder de smeermiddelenmarkt. De automotive motoroliemarkt in ons land heeft een dynamisch speelveld, waar vele fabrikanten, blenders en distributeurs actief zijn.


Nieuwe motorontwerpen stellen hogere eisen aan de oliekwaliteit, met name door de eisen rondom emissie.


In het automotive segment wordt de Europese markt ogenschijnlijk gedomineerd door grote internationale spelers als Shell, ExxonMobil, BP-Castrol, Fuchs en TotalEnergies. Naast deze A-merken bestaan er vele regionale en niche-spelers die motoroliën aanbieden. In ons land zijn dat onder andere Eurol, Kroon Oil, MPM (gedistribueerd door LKQ en de Vrooam-grossiers) en Champion (op de markt via het netwerk van de Alliance Automotive Group). Deze merken vind je daarom veel terug in de schappen van de diverse automaterialengrossiers, waardoor deze merken bij het universele autobedrijf sterk vertegenwoordigd zijn.

MPM
Dat olie voor de automotive aftermarket van groot belang is en zelfs een strategisch goed kan zijn, blijkt uit de case van MPM, het motoroliemerk met het grootste marktaandeel (24,6 procent) onder de autobedrijven uit de WESP-database (met het accent op universele garages). Wat speelde er? Parts Holding Europe (PHE), onderdeel van de D’Ieteren Groep en de nieuwe distributieve partner van Vrooam, is eigenaar van het in Ierland actieve Top Parts, een voor de Ierse aftermarket belangrijke grossiersgroep met 21 vestigingen en bijna 60 miljoen euro omzet. Het is bovendien de belangrijkste distributieve partner voor MPM Oil in Ierland. Door de breuk tussen LKQ en Vrooam zou de laatste het assortiment MPM kwijtraken, was de verwachting, omdat LKQ de eigenaar van MPM is. Omdat MPM in Nederland en België voor de Vrooam-grossiers een belangrijke productlijn is, komt de ‘connectie’ tussen MPM en Top Parts goed uit, want via die weg blijven de Vrooam-grossiers MPM distribueren. En daar is MPM ongetwijfeld ook heel blij mee.

Olietypen

Volledig synthetische motoroliën blijven terrein winnen boven minerale en semi-synthetische varianten. Dat is ook logisch, want volledig synthetische oliën bieden een betere weerstand tegen oxidatie, hebben een stabielere viscositeit bij hoge temperaturen en kunnen langere verversingsintervallen aan, wat uiteindelijk leidt tot kostenbesparingen en een betere bescherming van de aandrijflijn. Momenteel adviseren autofabrikanten steeds vaker motorolie met een lagere viscositeit, zoals 0W-20 en 0W-30. Zulke oliën helpen met name de interne wrijving te verlagen en mede daardoor het brandstofverbruik te verminderen, wat bijdraagt aan lagere CO2-emissies.

Soms verandert een olieadvies, zoals in het geval van Stellantis in 2024-2025. Werd voor een aantal motoren een 0W-30 dan wel een 0W-20 voorgeschreven, na een recall beval Stellantis juist weer een 5W-30 voor diezelfde motoren aan, zelfs voor de 1.2 liter Puretech-motor (met uitzondering van de EB2LT-motor) en voor de 2.2 liter DW10Fx-motoren. Sowieso is een volledig synthetische 5W0-30 een soort ‘Haarlemmerolie’: breed inzetbaar voor zowel benzine- als dieselmotoren. Niet voor niets blijkt uit de WESP-data (zie taartdiagram) dat dit het meest gebruikte olietype in de werkplaats is.

ASM | 17022026 | Bron: WESP
ASM | 17022026 | Bron: WESP

Duurzaam

Investeringen in R&D door fabrikanten en blenders moeten inspelen op nieuwe eisen vanuit motorontwerp en duurzaamheid. Nieuwe motorontwerpen stellen hogere eisen aan de oliekwaliteit, met name door de eisen rondom emissie. Oliën moeten bovendien compatibel zijn met katalysatoren, DPF’s en andere behandelingssystemen. Hierdoor worden low-SAPS oliën steeds meer de norm. Die hebben immers een laag gehalte aan sulfaat-as, fosfor en zwavel.

De EV-transitie die vanuit Brussel wordt gestimuleerd is in de aanloop naar 2035 weliswaar afgezwakt, maar met name vanwege de noodzaak van zuiniger en emissiearme (benzine)motoren en alternatieve aandrijflijnen zullen, onder invloed van e-fuels en waterstof, de investeringen in smeermiddelen toenemen. Daarnaast zal de vraag naar duurzamere olieconcepten toenemen, zoals de gerecyclde olie van TotalEnergies. De oliemaatschappij heeft in samenwerking met autofabrikant Stellantis de EV3R 10W-40 op de markt gebracht, een 100 procent gerecycled olieproduct dat past in de circulaire strategie die Stellantis in de aftermarket voorstaat. Ongetwijfeld zullen andere autofabrikanten dit voorbeeld volgen

BP-Castrol
De Britse oliemaatschappij BP maakte onlangs bekend 65 procent van dochteronderneming Castrol te verkopen aan de Amerikaanse investeringsmaatschappij Stonepeak, onder andere investeerder in Repsol US en de AA, het Britse equivalent van de ANWB. De verkoop van Castrol levert BP een kleine 6 miljard dollar op. De overige 35 procent van Castrol blijft grotendeels in handen van BP. Wel zal daarbinnen een Canadees pensioenfonds nog een klein aandeel nemen.
Een ander saillant detail is dat de Poolse onderdelendistributeur InterCars in Europa de grootste marktpartij is als het om de uitrol van het Q Service Castrol Network gaat. In wezen is dat een werkplaatsconcept dat in Polen 600 deelnemers kent, maar inmiddels in meerdere landen van de grond begint te komen. Pas sinds 2019 heeft Castrol zijn naam aan het concept verbonden. Behalve Castrol ondersteunen sinds enige tijd ook de onderdelen- en bandenfabrikanten Varta, Bosch, Continental, Semperit, ATE, Aumovio v/h Contitech, NRF en uit de ZF-portfolio nog de merken TRW, Lemförder en Sachs het Q Service Castrol Network-concept.

Foto boven: Voorlopig zal het verdienmodel van de aftersales nog worden gevuld met een grote plas olie.

Deel dit artikel op​

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Laatste nieuws
5 maart 2026
Olieplas droogt op,maar nu nog even niet
4 maart 2026
Robert van Barneveld nieuwe directeur MahaExplora
4 maart 2026
Continental zegt vaarwel tegen kolen en zware stookolie
4 maart 2026
In dit grote Europese land zijn in februari 2026 slechts 12 benzineauto’s verkocht
4 maart 2026
Igus introduceert keramische kogellagers: 65x slijtvaster
4 maart 2026
Twee nieuwe productgroepen voor Hengst Filtration
Meest bekeken berichten
Recente reacties