Recent demonteerde ik de bovenzijde van mijn magnetron om een defecte lamp te vervangen. De verschillende gele stickers met waarschuwingstekens, de teksten ‘WARNING’ en ‘HIGH VOLTAGE’, zorgden ervoor dat ik de magnetron snel weer sloot. Zonder de juiste instructies, kennis en gereedschappen is werken met elektrische apparaten een ‘no go’. Hoe zit dat met veilig werken aan e-voertuigen in relatie tot de zorgplicht van de werkgever?
Zorgplicht werkgever
De werkgever heeft een zorgplicht als het gaat om het waarborgen van de veiligheid van de werknemer. Het komt er in het kader van dit onderwerp op neer dat de werkgever moet zorgen voor de aanwezigheid van een passende werkomgeving, de juiste gereedschappen en werkinstructies. Als de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt, is de werkgever daarvoor aansprakelijk, tenzij hij aantoont dat hij de zorgplicht niet heeft geschonden of de schade het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer. Een beroep op deze disculpatiegronden door de werkgever slaagt overigens niet snel.
Van Arbowet naar NEN 9140:2019
De zorgplicht is verder uitgewerkt in onder meer de Arbeidsomstandighedenwet (‘Arbowet’) en het Arbeidsomstandighedenbesluit (‘Arbobesluit’). In deze laatste staan in artikelen 3.4 en 3.5 algemene verplichtingen die van toepassing zijn op bedrijven die werkzaamheden verrichten aan of in de nabijheid van een elektrische installatie. Deze algemene verplichtingen zijn in de NEN 3140 vertaald naar praktische uitgangspunten voor een veilige bedrijfsvoering. Met de opkomst van elektrische voertuigen kent de autobranche sinds 2014 een door werkgevers en werknemers opgestelde sectorspecifieke norm: de NEN 9140:2019, ‘Veilig werken aan e-voertuigen’.
Voorkomen van schokken
Alhoewel deze norm geen wetgeving is, kan door implementatie van deze norm in uw bedrijfsvoering wel worden voldaan aan genoemde artikelen uit het Arbobesluit en de Arbowet. Het belangrijkste doel van de norm is het voorkomen van letsel als gevolg van stroom door het lichaam en verbranding door vlambogen. Het gaat om het gebruik van hulpmiddelen, werkinstructies en gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) en niet in de laatste plaats om organisatorische oplossingen, waaronder het aanwijsbeleid.
Aanwijsbeleid: leg het vast!
De werkgever moet schriftelijk de volgende personen aanwijzen om te voldoen aan de Arbowet en het Arbobesluit (artikel 4.2.101 van de NEN 9140:2019). Het gaat om de ev-Werkverantwoordelijke (bijvoorbeeld de werkplaatschef), de ev-Vakbekwame Persoon (bijvoorbeeld de 1e autotechnicus) en de ev-Voldoende Onderrichte Persoon (bijvoorbeeld de automonteur). Voor elk van deze personen zijn Aanwijzingsformulieren beschikbaar bij diverse opleidingsinstanties, die na het behalen van de specifieke certificaten ter beschikking worden gesteld.
Papierwinkel?
Uit het door werknemer en werkgever ondertekende formulier blijkt dat beiden zich bewust zijn van onder meer de mogelijke gevaren die kunnen optreden bij het werken aan ev-voertuigen. Een dergelijk formulier zal door de werkgever getoond moeten kunnen worden in geval van een door de Arbeidsinspectie ingesteld onderzoek, al dan niet als gevolg van een arbeidsongeval. Zonder deze documenten kan de Arbeidsinspectie de werkgever een waarschuwing of boete opleggen. Bij een arbeidsongeval wordt het voor de werkgever, voor wie de omgekeerde bewijslast geldt, haast onmogelijk om aan te tonen dat hij de zorgplicht niet heeft geschonden.
Vonken
Werken volgens de norm sluit niet uit dat de werkgever aansprakelijk wordt gesteld door een werknemer, maar daar is de norm ook niet primair voor bedacht. Het gaat om de veiligheid van technici die werken aan ev-voertuigen, zodat zij weloverwogen aan de slag kunnen zonder dat de vonken ervan afspatten en zodat zij bekend zijn met gele stickers en dikke oranje kabels.